De in 1871 opgerichte firma Pirelli produceerde aanvankelijk alleen kabels en fietsbanden. In 1901 begon Pirelli ook autobanden te maken. De in 1903 opgerichte Veith & Co, later Veithwerke AG, die zich bezighield met de productie van banden en binnenbanden voor fietsen, motorfietsen en auto's, werd in 1963 voor een meerderheidsbelang overgenomen door Pirelli. In 1986 nam Pirelli ook nog de firma Metzeler over, die vanaf dat moment gespecialiseerd werd in motorbanden. Twee jaar later ging ook de Amerikaanse bandenfabrikant Armstrong naar Pirelli. In 2015 ging 26,2% van Pirelli naar het Chinese staatsbedrijf China National Chemical Corporation. Sinds 2017 is Pirelli weer beursgenoteerd.
Pirelli-banden zijn in de eerste plaats bekend uit de racerij. Pirelli levert de eenheidsbanden voor het FIM Superbike WK. Pirelli maakt binnen het concern eerder de sportief georiënteerde banden, de dochteronderneming Metzeler concentreert zich meer op de allround-eigenschappen van de geproduceerde banden.
Het grootste deel van de radiaalbanden-productie vindt plaats in Duitsland, in de fabriek in Breuberg / Odenwald.
In 1863 richtte de koopman Robert Friedrich Metzeler in München een handel in rubberwaren op. Het assortiment omvatte technische en chirurgische artikelen, kleinwaren en speelgoed, weerbestendige kleding, lucht- en waterdichte gebruiksartikelen. In 1871 besloot Metzeler naast de handel ook met de productie van rubberwaren te beginnen en bouwde zijn eerste fabriek in de Schwanthalerstraße in het Münchner Westend. Al in 1874 werd hij „Koninklijk Beierse hoffabrikant voor rubber- en guttaperchawaren“. In 1881 werd het bedrijf een openbare handelsvennootschap, Metzeler oHG. Al in 1887 volstonden de capaciteiten niet meer: een nieuwe fabriek in de Westendstraße 131-133 werd gebouwd, op welks terrein tegenwoordig de Gewerbehof Westend gevestigd is.[1] Nieuwe methoden voor rubberverwerking werden ontwikkeld.
Met de opkomende luchtvaart opende zich voor Metzeler een nieuw werkveld: terwijl de eerste ballonnen nog omhulsels van canvas hadden, aan de binnen- en buitenkant beplakt met slijtvast papier of zijde, ontwikkelde Metzeler een luchtondoorlatend weefsel bestaande uit canvas, mousseline en gevulkaniseerd rubber. Ter gelegenheid van de wereldtentoonstelling in Parijs in 1878 leverde Metzeler het omhulsel voor de tot dan toe grootste kabelballon ter wereld met een diameter van 36 meter. De toeschouwers konden daarin genieten van het uitzicht over Parijs vanaf 500 meter hoogte.[2]
Zo begon het succesverhaal van Metzeler weliswaar in de lucht. Het werd echter beslissend voortgezet door de ontwikkeling van de auto, die zonder moderne banden ondenkbaar zou zijn geweest. Daarom nam Metzeler actief deel aan de ontwikkeling van fiets-, motor- en autobanden. In 1892 verleende de Zwitserse dienst voor intellectueel eigendom het patent CH4828 met de titel „Gummireif mit gewölbebogenartigem Querschnitte für Fahrräder u. dergl.“.
1901–1975 Naamloze vennootschap
Aandeel van 1000 RM van Metzeler Gummiwerke AG van 9 mei 1940
Gedenkzegel met het luchtschip „Parseval VI“ (1910)
Als sponsor ondersteunde Metzeler de ADAC bij de in eigen beheer geplaatste plaatsnaamborden. Pas vanaf 1934 nam de staat deze taak over.
Op 7 mei 1901 zette Robert Friedrich Metzeler zijn onderneming met terugwerkende kracht tot 1 januari 1901 om in een naamloze vennootschap en werd lid van de raad van commissarissen. De firma heette tot 10 maart 1933 AG Metzeler & Co. Vanaf 1933 opereerde de onderneming onder Metzeler Gummiwerke AG en vanaf 1965 als Metzeler AG. In 1933 werd de eerste bruikbare band van synthetisch rubber Buna geproduceerd – een succes dat vooral gezien moet worden in samenhang met de
toenmalig nagestreefde autarkie.
Na de Tweede Wereldoorlog was in 1945 twee derde van de fabriek verwoest. Tijdens de wederopbouw ontstonden naast de bandensector nieuwe bedrijfssectoren zoals technische rubberartikelen en producten voor de groeiende vrijetijdsmarkt. Het scala aan rubber- en kunststofproducten werd voortdurend uitgebreid, bijv. PVC-vloerbedekking, rubberslangen, matrassen, velglinten en hielbanden, werkplaatsmaterialen, polyester artikelen, hakken voor de schoenindustrie, sportduikartikelen, botenbouw voor sport en vrije tijd, platen en folies van diverse kunststoffen, lijm en pasta enz. Samen met de sector banden voor motorfietsen, auto's en bedrijfswagens ontwikkelde Metzeler zich in de naoorlogse jaren zo tot een wereldwijd actief concern.
In 1972 vond een kapitaalverhoging plaats van 75 naar 100 miljoen DM. De extra 25 miljoen DM werden overgenomen door het chemieconcern Bayer AG. Hiermee bereikte Bayer een totaal belang van 35% in Metzeler AG.
1974–1987 Liquidatie van Metzeler AG, opsplitsing
Metzeler Schaum GmbH in Memmingen
In 1974 nam Bayer AG verrassend drie maatschappijen van de Metzeler-groep over: Metzeler Kautschuk AG in München, Metzeler Schaum GmbH in Memmingen en Metzeler Isobau GmbH in Bad Wildungen en Mannheim. Daarop ontstond een zwaar geschil tussen oud-aandeelhouders, Bayer AG en het Bundeskartellamt, wat een jaar later leidde tot de ontbinding van Metzeler AG. In 1978 vond om economische redenen een herstructurering plaats met de afsplitsing van Metzeler Automotive Profile Systems, Lindau. De bandenproductie werd geconcentreerd op motorbanden en van de fabriek in München verplaatst naar de fabriek in Breuberg in het Odenwald. In 1979 werd de productie in de fabriek in München definitief gestaakt, waarna de stad München het terrein verwierf. In 1986 werd Metzeler Kautschuk GmbH overgenomen door de Pirelli-groep. De bandenactiviteiten werden in 1987 samengebracht in Metzeler Reifen GmbH met zetel in München.
Metzeler-olifant
De figuur van een olifant verscheen voor het eerst in de bedrijfsgeschiedenis in 1906 bij de Internationale Automobilausstellung in Berlijn: Metzeler demonstreerde daar de kwaliteit van zijn producten met behulp van een olifant, die tevergeefs probeerde een band te vertrappelen. Op 21 augustus 1951 werd een dienovereenkomstig beeldmerk ingeschreven in het merkenregister van de Duitse Octrooiraad (AZ: 30744593.3). Kennelijk moest met de olifant de robuustheid und kwaliteit van de door Metzeler aangeboden producten (met name banden) geassocieerd worden. In de volgende jaren werden talloze kleine, blauwe olifanten van rubber als relatiegeschenk aan klanten uitgedeeld; eerst waren het holle figuren, later massief rubberen figuren. De relatiegeschenken werden grotendeels geproduceerd door de firma Adam Fischer, met uitzondering van de sleutelhangers (geproduceerd door de firma Schleich) en de gummetjes. Tegenwoordig zijn de Metzeler-olifanten een zeldzaam verzamelobject.